Holocaust in Körmend

Laatste update 20/02/2026 door Redactie

De Hongaarse stad Körmend, gelegen in Vas megye, werd in de jaren 1938–1944 diep getroffen door de antisemitische maatregelen van de Hongaarse overheid en de Duitse bezetting. De gebeurtenissen in Körmend vormen een indringend voorbeeld van hoe Joodse gemeenschappen in Hongarije systematisch werden uitgesloten, beroofd en uiteindelijk gedeporteerd. Dit artikel beschrijft de belangrijkste ontwikkelingen, gebaseerd op historische bronnen en lokale documentatie.

Antisemitische wetgeving in Hongarije (1938–1941)

Tussen 1938 en 1941 voerde Hongarije een reeks wetten in die sterk leken op de Duitse Neurenberg‑wetten. Deze maatregelen beperkten de burgerrechten van Joden en sloten hen uit van het openbare, economische en politieke leven.

In Körmend leidde dit onder meer tot:

  • het intrekken van het kiesrecht van 109 Joodse inwoners in 1941
  • het beëindigen van het gemeenteraadsmandaat van acht Joodse raadsleden
  • het weren van Joden uit beroepen, handel en maatschappelijke organisaties

Hoewel er vóór 1944 nog geen grootschalige deportaties plaatsvonden, werden volwassen Joodse mannen wel opgeroepen voor dwangarbeid in speciale arbeidsbataljons.

De Duitse bezetting en versnelde vervolging (maart 1944)

Op 19 maart 1944 bezetten Duitse troepen Hongarije. Vanaf dat moment versnelde de vervolging van Joden drastisch. In april 1944 werden overal in het land getto’s ingericht, behalve in Boedapest. Ook in Vas megye moesten getto’s worden opgericht; in totaal zeven, waaronder één in Körmend.

Beperkingen voorafgaand aan het getto

Voor de Joodse inwoners van Körmend golden al snel strenge beperkingen:

  • beperkte toegang tot markt en winkels
  • verbod om ’s avonds en ’s nachts de woning te verlaten
  • restricties op het gebruik van openbare voorzieningen zoals het badhuis

Daarnaast werden Joodse organisaties gedwongen hun gebouwen te verlaten. Bezittingen, meubels, vee en handelsvoorraden werden in beslag genomen of verkocht. Bedrijven moesten sluiten en inventarissen werden opgesteld voor confiscatie.

Het getto van Körmend (mei 1944)

Het getto werd officieel opgericht op 9 mei 1944. Het gebied werd afgebakend door de straten Széchenyi, Rába, Gróf Apponyi en Dienes Lajos, inclusief de synagoge. Niet‑Joodse bewoners binnen deze zone moesten verhuizen, terwijl Joden van buiten de zone juist naar het getto werden overgebracht.

Instroom uit omliggende dorpen

Tussen 10 en 12 mei arriveerden Joden uit onder meer:

  • Csákánydoroszló
  • Egyházasrádóc
  • Ivánec
  • Molnaszecsőd
  • Nagyrákos
  • Őrimagyarósd
  • Szarvaskend

In totaal verbleven meer dan 300 Joden in het getto.

Beveiliging en regels

Op 20 mei werd het getto afgesloten met een twee meter hoog houten hek en twee bewaakte poorten. Joden mochten het getto alleen verlaten met een speciale pas, ondertekend door de politie. De route moest direct zijn en treuzelen was verboden.

Werkpassen en dwangarbeid

Ongeveer 60 personen kregen een werkpas. Deze werden verstrekt aan:

  • leden van de Joodse Raad
  • boodschappers en inkopers
  • artsen, ambachtslieden en arbeiders
  • personen die moesten helpen bij inventarisatie van geconfisqueerde goederen

Ook kinderen kregen soms een pas. Een groep van twaalf jongens tussen 12 en 19 jaar moest moerbeibladeren verzamelen voor de productie van zijde voor de paramilitaire Levente‑organisatie. Later werden nog jongere kinderen toegevoegd.

Daarnaast werden groepen ingezet voor zwaar werk, zoals houttransport voor het leger in Celldömölk.

Mobilisatie van Joodse mannen

Op 12 juni 1944 werden alle Joodse mannen geboren tussen 1896 en 1926 opgeroepen voor arbeidsbataljons. Deze eenheden werden vaak naar het Oostfront gestuurd, waar de omstandigheden extreem zwaar waren en veel slachtoffers vielen.

De liquidatie van het getto en deportatie (19 juni 1944)

Zondag 18 juni was de laatste volledige dag van het getto. Ondanks geruchten dat hard werken bescherming zou bieden, werden op 19 juni 1944 alle overgebleven Joden uit Körmend onder bewaking naar het treinstation gebracht. Zij werden gedeporteerd naar het getto van Szombathely en later verder naar concentratie‑ en vernietigingskampen.

Tegen de middag was het getto volledig ontruimd. De Joodse gemeenschap van Körmend hield op te bestaan.

Historische betekenis

De gebeurtenissen in Körmend tonen hoe snel en systematisch de vervolging van Joden in Hongarije zich voltrok na de Duitse bezetting. Binnen enkele maanden werden rechten afgenomen, bezittingen geconfisqueerd, gezinnen opgesloten en uiteindelijk gedeporteerd. Het verhaal van Körmend staat symbool voor het lot van vele Hongaarse Joodse gemeenschappen in 1944.

Aanvullende context voor lezers en onderzoekers

Voor hedendaagse bezoekers en onderzoekers biedt Körmend nog sporen van deze geschiedenis, waaronder:

  • de locatie van het voormalige getto
  • de synagoge en omliggende straten
  • lokale archieven en documentatie over de Joodse gemeenschap

Het bestuderen van deze geschiedenis draagt bij aan begrip van de Holocaust in Hongarije en het belang van herdenken.

Bronnen